Besprekingen 2010-2011  

 

Lezende vrouw - Fernando Botero

 

De samenkomst - Anne Enright

Korte samenvatting

Veronica Hegarty is 39 jaar, gehuwd en moeder van twee dochters. Ze is opgegroeid in een gezin met 12 kinderen in Ierland. Haar broer Liam, die het dichtst bij haar stond, heeft zelfmoord gepleegd. Zij gaat zijn lichaam in Engeland ophalen waarna de ganse familie samenkomt om te rouwen. Tijdens deze gebeurtenissen denkt Veronica na over haar familie en in het bijzonder over haar grootmoeder Ada. Zij tracht te achterhalen wat er in het verleden gebeurd is waardoor zoveel van haar familieleden emotionele problemen hebben.

Mening van de groep

Vragenlijst

Hoeveel kunnen we vertrouwen van het relaas van Veronica?

We kunnen alles vertrouwen want het is haar beleving. Ze tracht er juist in te zijn maar stelt niet dat alles waar was. Ze twijfelt zelf, stelt zich vragen. Ze is er zich van bewust dat haar herinnering gekleurd is. Alles is blijkbaar begonnen met haar grootmoeder Ada en haar twee aanbidders: haar latere man en de afgewezen Nugent. De boekjes en de brieven van Ada die Veronica aantreft in het huis van haar moeder zijn voor haar bewijzen van wat er gebeurd is: Nugent was uit op macht en hij misbruikte zijn positie als huisbaas.  Er werd nergens over gepraat, alles baadde in een sfeer van geheimzinnigheid.

Zie je Veronica's relaas als een excuus voor haar eigen gedrag?

Het is geen excuus maar wel een mogelijke verklaring. Als er een traumatische gebeurtenis plaats heeft in iemands leven kan je vreemd reageren. Van je zelf afdrijven is mogelijk. Veronica stelt zich vragen over haar broer, hoe is hij zo geworden dat hij het water inliep? Ze stelt zich ook vragen over zichzelf en haar relatie tot mannen, tot haar eigen man. Al die vragen zijn voor haar nu het meest belangrijk. Ze moet de waarheid, of de meest waarschijnlijke waarheid achterhalen vooraleer ze terug wil en kan naar haar kinderen en haar man.

Is Veronica depressief? Erger je je aan haar zelfmedelijkden/zelftoegeeflijkheid?

Ze is niet depressief. Ze is rouwend, verward, zoekend. De zelfmoord van haar broer Liam is voor haar een aanleiding om alsnog te verwerken wat er in het verleden gebeurd is.
Ze heeft ook geen zelfmedelijden maar ze schijnt wel last te hebben van schuldgevoel ten overstaan van Liam: zij was getuige van wat er met hem gebeurde en ze heeft niets gedaan.
Wat de praktische gang van zaken betreft zorgt ze voor datgene wat er van haar werd verwacht. Iedereen in het gezin had zijn taak en rol. Liam stond haar het meest nabij zodat het logisch is dat zij zijn lichaam gaat halen en de formaliteiten rond zijn dood en begrafenis regelt.

Vond je het boek kil?

Het boek is niet kil. Sommige dingen die er in verteld worden zijn dat wel. Het was niet tranerig of emotioneel, eerder beschouwend. Het trachtte na te gaan wat er in het verleden in de familie gebeurde.

Is de vertelling in de eerste persoon geslaagd/geschikt?

Het is voor dit boek de meest logische vertelvorm. Het gaat over hoe iemand zijn verleden beleefde, en hoe ze het nu beschouwt en verwerkt. Als de vertelling in de derde persoon zou zijn gedaan kon het niet zo persoonlijk zijn.

Verklaar de titel van de roman 'De samenkomst'.

Het boek vertelt niet echt een samenkomst van een familie. Die samenkomst is er wel maar ze is niet echt belangrijk. Het samenkomen slaat eerder op het samenkomen, het op zijn plaats vallen van gebeurtenissen uit het verleden.

Wat is het thema van het boek volgens jullie?

 Geen eenduidigheid hierover:familierelaties, afrekening met het verleden, bezinning en verwerking.

Welk cijfer geven jullie het boek?

gemiddeld 7

Meer over de schrijfster

Anne Enright werd in 1962 in Dublin geboren. Ze woont en werkt daar nog steeds. Ze debuteerde als schrijfster in 1991 met een verhalenbundel 'The portable virgin'. 
Naast een andere verhalenbundel 'Het weer van gisteren ' schreef ze nog verschillende romans waarvan de volgende in het Nederlands werden vertaald: 'Evenbeeld', 'Het genoegen van Eliza Lynch' en 'De samenkomst'.
In 2004 verscheen van haar hand een non-fictie boek 'Baby's voor beginners".
In 2007 won ze de Booker Prize voor 'De samenkomst', en dat niet zozeer om het verhaal maar wel om haar bijzondere schrijfstijl. 

 

"Tertulia" van de Catalaanse kunstenares Angeles Santos Torroella (°1911)  - Reina Sofia Museum Madrid

("Tertulia" is Spaans en betekent een samenkomst van artistieke of literaire aard.)

De honderd geheime zintuigen - Amy Tan

Korte samenvatting

Olivia woont in de VSA. Ze is de dochter van een Amerikaanse moeder en een Chinese vader. Als ze vijf is overlijdt haar vader en komt haar halfzus Kwan, die tot dan in China leefde, ook bij hen inwonen. Kwan gelooft in geesten en in reïncarnatie. Ze brengt Olivia vaak in verwarring en jaagt haar zelfs angst aan met haar verhalen. Olivia zelf gelooft niet in de 'yin-wereld' van haar halfzus. Ze bouwt een carrière op, trouwt met Simon en gaat vervolgens weer weg bij hem. Volgens Kwam moeten ze echter bij elkaar blijven. Ze tracht dit in de hand te werken door Olivia en Simon mee te nemen naar China. Hier leert Olivia meer te begrijpen van Kwam en haar geesteswereld en komt ze ook terug dichter tot Simon.

Mening van de groep

Het boek werd overwegend niet zo positief beoordeeld: langdradig, niet boeiend, slecht geschreven, kromme taal van Kwan stoorde, kinderlijk omschreven, meer een boek voor adolescenten, de stukken over de geesten overgeslagen wegens te saai.
Wel positief: boeiender vanaf het vertrek naar China. Niet moeilijk om te lezen en soms toch wel spannend. Wel boeiend was hoe een Chinese zich kan aanpassen aan de Amerikaanse samenleving.
Eén van onze leden vond het daarentegen een erg boeiend boek dat erg aangreep, zeker niet langdradig en zelfs bij de tweede lezing nog steeds boeiend. Een boek om rustig te lezen.

Vragenlijst

Volgens een bespreking van de werken van Amy Tan op internet is een thema van haar boeken vaak: een bespiegeling over het lot en het geloof er in en hoe die het leven kunnen bepalen. Vind je dat ook een thema van dit boek? en zo neen wat is dan wel het thema?
Het lot en daar al dan niet in geloven is inderdaad het thema van het boek. Ook familie en relaties zou het thema kunnen zijn evenals de verschillen tussen de Oosterse en de Westerse cultuur.

Volgens sommigen is het thema van het boek de relatie tussen man en vrouw. Zijn jullie het daar mee eens? Hoe zit het met de relatie tussen Simon en Olivia? Waardoor mislukt hun relatie?
De relatie tussen man en vrouw is meer een motief dan een thema. Olilvia maakt zelf haar relatie met Simon kapot omdat ze er van overtuigd is dat Simon nog steeds meer van Elza hield dan van haar. De communicatie tussen beiden liep slecht. Als Olivia over haar angsten had gesproken met Simon dan was het misschien niet misgelopen. Na de Chinareis komen ze wel terug samen en hebben zo ook meer begrip voor elkaar.

Verklaar de titel van ht boek. Gebruikt Olivia ook haar geheime zintuigen? Het is niet altijd gemakkelijk om naar je geheime zintuigen te luisteren las ik ergens. soms verwar je ze met je eigen 'vertroebelde blik', onstaan uit angst of liefde. Speelt dit in het boek ook ergens en weet je ook waar?
Olivia denkt dat de 'geheime zintuigen' waar Kwan steeds over spreekt haar intuitie, haar instinct is. Maar voor Kwan is het iets heel anders.
Olivia denkt op een gegeven ogenblik dat ze Elza werkelijk ziet en hoort maar dat gebeurt inderdaad doordat haar blik vertroebelt is door de angst dat Simon minder van haar houdt dan van Elza.

Hoe denken jullie over reïncarnatie? Zou het waar kunnen zijn dat we reïncarneren na onze dood? Gelooft Olivia op het einde van het boek er in?
De meerderheid gelooft er niet echt in.
- Het gaat niet over geloof maar over weten. Ik weet dat we er per ongeluk heel even zijn als je het hele universum beschouwt.
- ik kan me wel inbeelden dat mensen geloven hetzij in een god hetzij in reïncarnatie, om het leven aan te kunnen, om er zin aan te geven.
- Ben erg met geloof en leven na de dood bezig geweest maar ik ken er niet in geloven maar anderzijds ook niet echt weten dat het er niet is.
- het heeft volgens mij met persoonlijkheid of met fysieke eigenschappen te maken of je gelooft in iets of niet.
- ik geloof wel dat er een gemeenschappelijk, gedeeld onderbewustzijn, een collectief bewustzijn is waarvan je bij de geboorte nog veel meedraagt maar dat daarna weg gaat. En er bestaan mensen die dat kunnen 'lezen'.
Olivia heeft dezelfde gevoeligheid als Kwan maar ze heeft die onderdrukt. In China gelooft ze er wel in maar terug in Amerika laat te het weer los.

Hoe komt het dat Kwan zo zonder voorbehoud van Olivia houdt en haar niets kwalijk neemt ook al behandelt zij haar niet altijd even fraai?
Dat komt omdat Kwan Olivia kent van een vorig leven en omdat ze vindt dat ze tegenover haar iets goed te maken heeft. Olivia was juffrouw Banner en die hield van Jiban. Jiban is nu Simon. En door de schuld van Kwan werden zij gescheiden. Daarom wil Kwan ook zo graag dat Simon en Olivia terug bij elkaar komen.

Kwan komt niet terug uit de grot en lijkt dat te hebben voorvoeld. Klopt dat volgens jullie? Waarom komt ze niet terug en is dat logisch?
Kwan wist inderdaad dat ze niet terug zou komen. Dat zie je aan de manier waarop ze afscheid neemt van Olivia alvorens Simon voor haar te gaan zoeken in de grot. Er valt een groot verdriet af te lezen van haar gezicht en ze zegt tegen Olivia dat ze blij is dat ze het voor haar kan goedmaken. Ze komt niet meer terug omdat ze enkel in dit leven gekomen is om goed te maken wat ze in een vorig leven heeft gedaan namelijk juffrouw Banner en Jiban uit elkaar houden. Nu ze bereikt heeft dat Olivia en Simon terug samen zijn heeft ze die fout goed gemaakt en is haar taak in dit leven als Kwan volbracht.

Wat was er zo bijzonder aan de rotsblokken in de vallei?
Het zijn de versteende meisjes uit de mythe.

Op blz. 68 en 86 staat er dat een overmaat aan geluk altijd wegstroomt in tranen en verdriet. Is er echt zo een omkering in het boek? Of eindigt het boek wel positief? 
In elk leven komen erogenblikken van groot geluk en ogenblikken van groot verdriet voor. Dit boek eindigt wel positief. Kwan heeft haar taak volbracht, en Simon en Olivia zijn terug samen.

Welk cijfer geef je het boek?
6,25 gemiddeld.
 

Meer over de schrijfster

http://kunst-en-cultuur.infonu.nl/biografie/20857-schrijfster-amy-tan.html

 

Als jij maar gelukkig bent - William Sutcliffe

Korte samenvatting

Drie vrouwen van middelbare leeftijd, vriendinnen sinds de schooltijd van hun kinderen, besluiten elk hun alleenwonende zoon op te zoeken. Zij willen hun zoon beter leren kennen en ze zijn ook van plan hun levens in handen te nemen of toch in die richting te leiden die hun het beste lijkt. Voor de ene lukt dit al beter dan voor de andere.

Mening van de groep

Vragenlijst

Met wie identificeer je je het meest?
De meesten identificeerden zich meer met de zonen. Zij waren echter, geloofwaardiger. De moeders kwamen ongeloofwaardig over en waren gruwelijk voor enkelen onder ons. Ze zijn ook allemaal min of meer hetzelfde en daardoor lijkt het wel of de schrijver maar een type moeders kent (de zijne misschien?). Deze moeders hebben geen eigen leven, zoeken het geluk niet in zichzelf maar in hun kind(eren). Ze hebben dus allemaal last van het lege-nest syndroom. Hierna ontspon er zich een erg persoonlijke maar interessante gedachtenwisseling over dit syndroom, of we er al dan niet last van hadden/zullen hebben en over onze relaties met onze kinderen.

Het hoofdthema is: gebrek aan communicatie tussen moeder en zoon, miscommunicatie. Klopt dat?
Dit is niet het hoofdthema. Dat lijkt ons eerder het loslaten en meer bijzonder vrouwen die problemen hebben met het loslaten van hun kinderen.
Er is niet enkel sprake van gebrek aan communicatie maar ook van gebrak aan inlevingsvermogen en dan zeker van de kant van de moeders, ook van onbegrip. Een van hen vindt het de plicht van haar zoon om haar een kleinkind te bezorgen, omdat zij al die jaren zo goed voor hem heeft gezorgd!!!

"Licht verteerbaar, grappig en vlot leesbaar". Of "een niets aan de hand romannetje" of "het is materiaal voor een klucht, literatuur wordt het nooit". Wat vind jij?
De eerste omschrijving is volgens de meerderheid de meest correcte. Er komen wel grappige gebeurtenissen voor in het boek maar in zijn geheel zijn de verhalen niet grappig, eerder tragisch. Enkelen zijn ook akkoord met de derde omschrijving "het is materiaal voor een klucht maar literatuur wordt het nooit".

"... jongens van het slag verwende voortmodderende oude jongens in de grote stad..." Ben je het daarmee eens?
De jonge mannen in het boek zijn in een bepaalde fase van hun leven, nog zoekend. Ze zijn niet verwend. Ze leven zelfstandig, ze hebben een job en zorgen voor zichzelf. Vanuit het standpunt van de moeders zijn ze wellicht wel wat voortmodderende jongens die dringend aan 'het echte leven' moeten beginnen, met hun steun uiteraard.

"Het boek gaat over het leven van West-europese twintigers rond de eeuwwisseling" Ben je het daarmee eens?
De twintigers van nu zouden wellicht meer problemen hebben met het vinden van een job, zouden misschien werkloos zijn. Maar de stelling is te algemeen. Er bestond noch bestaat een homogene groep twintigers. De drie jonge mannen in het boek zijn niet exemplarisch. Ze komen uit een bepaalde kring, de meer gegoede burgerij, of toch alleszins uit families zonder geldproblemen. Er bestaan nog heel wat andere categoriën twintigers.

Ergens wordt geschreven dat het boek een knappe constructie heeft. Waaruit blijkt dat?
De afwisseling tussen de verhalen van de drie verschillende moeders en hun respectieve zonen is niet echt bijzonder. Zulks werd al eerder gedaan.

Vind je dat de personages overtuigend tot leven komen?
De zonen wel maar de moeders niet. Die zijn te stereotiep beschreven: de bekommerde, zorgende moeder zonder eigen doel in het leven dan haar gezin.

"Ze vinden allemaal dat ze gelijk hebben " Wie heeft er het meeste gelijk?
Moet er iemand gelijk hebben? Iedereen reageert en handelt op die manier die voor hem/haar het beste is of lijkt.

Wat zou de appel en het ei op de omslag van het boek kunnen betekenen?
Je zou kunnen denken dat het verwijst naar de uitdrukking 'appeltje-eitje': dat is gemakkelijk, in het Engels 'a piece of cake'. De moeders die dachten: we gaan dat eens even regelen en op orde brengen, de levens van onze zonen. (lees meer over de uitdrukking op
http://www.onzetaal.nl/advies/appeltje-eitje.php)

Welke cijfer geef je het boek?
Gemiddeld 6,5

Meer over de schrijver

William Sutcliffe is een Engelse schrijver, in 1971 geboren in Londen. Hij schreef zijn eerste boek in 1996. Zijn meest bekende roman is 'Are you experienced', een lichtvoetig en grappig verhaal over jonge backpachers. "Als jij maar gelukkig bent"  verscheen in 2008.

Villa des Roses - Willem Elsschot

Korte samenvatting

"Villa des Roses" is een pension in Parijs dat wordt uitgebaat door mevrouw Brulot. In het boek maak je kennis met haar, met haar man en haar aapje Chico, met haar keukenmiesje Aline en het nieuwe kamermeisje Louise en met de verschillende gasten die in het pension verblijven of er dagelijks komen om te dineren. Op een vaak komische manier worden al deze mensen geportretteerd, met zowel hun fraaie als hun minder fraaie kantjes.

Mening van de groep

Bespreking

Meer over de schrijver

 

http://web.inter.nl.net/users/risee/elsschot.htm
http://users.telenet.be/louis.jacobs/Elsschot.htm
http://nl.wikipedia.org/wiki/Willem_Elsschot

 

De woestijn van de Tartaren - Dino Buzzati

 

Korte samenvatting

Giovanni Drogo is een jonge luitenant. Hij vertrekt naar zijn eerste standplaats, een afgelegen fort in de bergen. Het fort kijkt uit op een desolate woestijn, de woestijn van de Tartaren genaamd, omdat daar vroeger ooit Tartaren

zouden gezien zijn. Giovanni heeft maar een wens: een held te worden in een gevecht tegezn de vijand. Maar de vijand komt niet. Tegen beter weten in blijft hij hopen en als de vijand dan eindelijk komt is het voor Drogo te laat.

 

Mening van de groep

Vragenlijst

 

Op de achterflap van het boek staat dat het thema van het boek is: "heeft de mens de moed om zijn leven zelf te bepalen?" Is dat juist of is er een ander thema?

Dit is niet voor iedereen het hoofdthema. Een deel van de groep zocht het thema inderdaad in het persoonlijke: niet het onmogelijke of het onbereikbare betrachten, je leven zelf in handen nemen, ook eenzaamheid of alleen zijn: "Hij had het idee zich tussen mensen van een ander ras te bevinden, in een vreemd land, een harde, ondankbare wereld" pag. 42 - "we denken dat we omringd zijn door wezens gelijk aan onszelf, maar er is niet anders dan vrieskou, stenen die een vreemde taal spreken, we willen een vriend groeten maar onze arm valt krachteloos neer en onze glimlach besterft want we merken dat we helemaal alleen zijn"  (pag. 75) - "Juist in die tijd kwam Drogo er achter dat er tussen mensen, hoe graag ze elkaar ook mogen, altijd een afstand blijft bestaan Hij merkte dat de smart van iemand die lijdt altijd alleen voor zijn rekening blijft...." blz 187.  Niet iedereen heeft echter de mogelijkheden om zijn leven zelf te bepalen, toch niet volledig. En het vergt moed om tegen de stroom in te gaan, het is niet altijd gemakkelijk.

Voor anderen lag het thema meer in het maatschappelijke: blootleggen van machtstructuren, systeem dat tunnelvisie creëert en waarin een werkelijkheid wordt geschapen die niet werkelijk is."Besefte Tronk nog dat er, ergens op de wereld, miljoenen mensen zoals hij leefden, maar dan zonder uniform? En dat deze mensen vrij door de stad ronliepen en 's avonds naar bed konden gaan, naar een wijnlikaal of naar ......Hij was het bestaan van andere mensen vergeten, voor hem bestond alleen de Vesting nog met haar vreselijke reglementen" blz. 41 - "Om wille van deze vage mogelijkheid (de komst van de vijand)  die met de tijd onzekerder leek te worden, verdeden volwassen mannen hier het beste deel van hun leven" pag. 69. En als het gevaar er schijnt aan te komen mag of wil niemand het zien. Dit zou een verwijzing kunnen zijn naar het opkomend faschisme in Italië. Het zou ook kunnen verklaren dat het boek dat al in 1938 werd geschreven, pas verscheen na de tweede wereldoorlog.  Drogo wil een held worden, een jongensdroom en het systeem maakt misbrueik daarvan. De missie "het verdedigen van de nutteloze muren" is een illusie, de realiteit is dat mensen behoefte hebbebn aan veiligheid en structuren, misschien niet bewust maar onbewust. "Honderden mannen om een bergpas te bewaken waar nooit iemand langs zou komen" blz 34.

Als motieven zien we: wachten, verstrijken van de tijd, illusie en desilussie, leegte, alle facetten van het leven.

 

Iedere week begint verwachtingsvol, met de zekerheid dat die week zonder verrassingen zal verglijden in een volgende. Hoe komt het dat het toch 200 pagina's lang spannend blijft?

Het verhaal blijft boeien om verschillende redenen: in de eerste plaats omdat de schrijver consequent is in wat hij schrijft en omdat het goed is geschreven, het is opgedeeld in vrij korte hoofdstukken wat het lezen gemakkelijk maakt, ook de stijl waarin het boek geschreven is en het beeldend taalgebruik dragen er toe bij. De schrijver gebruikt afwisselend verleden en tegenwoordige tijd: het persoonlijke in de verleden tijd en het beschouwende in de tegenwoordige tijd. Af en toe wordt er zelfs in de toekomende tijd geschreven: "dagen zullen er overheen gaan eer Drogo doorheeft wat er is gebeurd. Dat zal een soort ontwaken zijn. Ongelovig zal hij om zich heen kijken...." blz. 47. Het beeldend taalgebruik blijft boeien: "De zon was niet meer zo snel als voorheen, omdat hij zo graag onderging, maar begon aan het midden van de hemel een beetje te dralen, intussen de opgehoopte sneeuw verzwelgend, en het had geen zin dat de wolken zich noch haastten vanaf de ijsvelden van het noorden: tot sneeuw waren ze niet meer in staat..." blz 139 - "zo wordt er langzaam een bladzij omgeslagen, die  zich aan de andere kant veervlijt, boven op de andere die al gelezen zijn, vooralsnog is het slechts een dunne laag, de bladen die nog doorgenomen moeten worden vormen daarnaast een onuitputtelijke hoeveelheid. Maar het is toch weer een bladzij die je uit hebt, luitenant, een deel van je leven" blz 143. Dat geld ook voor het gebruik van stijlfiguren: "Reeds hoorde men 's ochtends het gezang van vogels ..." blz 139, "Stil hingen daar de noordelijke nevels, stil ging het leven..voort" blz 195  = prolepsis: een zinsdeel voorop plaatsen om de aandacht er op te vestigen. of paralellisme: "Dit is de tijd dat in die oude planken een hardnekkig verlangen naar leven de kop weer opsteekt.... Dit is de tijd dat de mannen van de vesting vreemde gedachten beginnen te krijgen..." blz 140 - "Nu, terwijl Drogo peinzend de steile weg omhoogrijdt, in de zon.... nu klinkt er vanaf de ander kant van het dal...." blz 192 . Je wil hierdoor ook graag mee in de illusie van Drogo en wenst of denkt ook dat er iets gaat gebeuren.

 

Welke rol speelt de tijd in de roman? In hoeveel tijd speelt de roman zich af? Welke tijdsprongen zijn er?

Tijd en het verstrijken er van spelen een belangrijke rol in het boek. Er wordt vaak naar verwezen. "Tot dan toe had hij het ombekommerde tijdperk van de vroege jeugd doorlopen, een weg waar voor een kind geen eind aan lijkt te komen, waar de jaren langzaam en lichtjes voorbijgaan, zodanig dat niemand in de gaten heeft dat ze verdwijnen" blz 46 - "Hij zal horen hoe de tijd het leven gretig wegtikt" blz 48 - "de dag van gisteren was precies hetzelfde als die van eergisteren.... Aldus, zonder dat hij er weet van had, vloog de tijd voorbij" blz 71. Zoals in een mensenleven de tijd sneller lijkt te gaan naarmate men ouder wordt zo gaat ook het verhaal van Drogo steeds sneller vooruit. De reis van Drogo naar de vesting, die twee dagen duurt, beslaat in het boek 60 bladzijden. Op bladzijde 68 zijn er 4 maanden verstreken en besluit Drogo toch in de vesting te blijven. Op bladzijde 174 is hij 25 jaar. Tussen blz. 188 en 189 zijn er 15 jaar verstreken. Op blz. 200 is Drogo 54 en ziek en op blz. 224 sterft hij.

 

Welke rol spelen bergen, woestijn, stad en fort? Zijn het metaforen? Spelen ze een symbolische rol?

De stad is het echte leven. De woestijn is de leegte. De vijand is de buitenwereld. Het fort staat voor de regels die een leven bepalen, inperken.

 

Wat brengt Drogo er toe na 4 maanden toch te besluiten te blijven?

Het is niet duidelijk wat Drogo doet blijven, noch voor de lezer, noch voor hemzelf. Je kan veronderstellen dat hij het leven in de vesting gewoon is geworden, dat hij er zich al in heeft verschanst. "Maar reeds heerste in hem de lamlendigheid van de gewoonte, de huiselijk voorkeur voor de dagelijkse begrenzing. In het eentonige ritme van de dienst waren vier maanden genoeg geweest om hem te doen vastroesten" blz 69.

 

Wat is de betekenis van de droom van Giovanni Drogo?

Het is een voorspellende droom, hij voorspelt de dood van Angustina.

 

Is er een ontwikkeling in de persoon van Drogo in de loop van het boek?

Drogo maakt geen ontwikkeling door. Hij blijft hopen op heldendom, op de komst van de vijand en dit tot het eind van zijn leven.

 

In het laatste hoofdstuk komen de Tartaren dan eindelijk. Welke is de vijand die Giovanni Drogo uiteindelijk moet overwinnen? 

Uiteindelijk heeft Drogo maar een vijand: de dood maar die kan hij niet overwinnen, enkel zonder vrees en met de glimlach tegemoettreden.

 

Meer over de schrijver

 

Dino Buzzati werd in 1906 geboren. Hij studeerde rechten in Milaan. Hij ging aan de slag als journalist bij de Corriere della Serra waar hij zijn hele leven bleef werken. Hij schreeft 'De woestijn van de Tartaren" naar aanleiding van de verveling op zijn werk. Hij schreef gedichten en romans en ook een boek over de wielerronde van Italië, de Giro. Hij schreef en illustreerde ook kinderboeken. De woestijn der Tartaren werd ook verfilmd in 1975 door Valerio Zurlini.

 

Een lezende vrouw geschilderd door Aleksandr Deyneka, 1899-1969.

Russisch modernistisch schilder, beeldhouwer en grafisch kunstenaar

 

De stille kracht - Louis Couperus

 

Korte samenvatting

 

De hoofdpersoon van het boek is Otto Van Oudijck. Hij is 48 jaar en is resident van het gewest Laboewangi in Java, het toenmalige Nederlands-Indië. Onbewust van wat er in en om zijn huis en familie gaande is werkt hij hard. zijn werk is zijn leven De Nederlanders moeten immers het land bestieren en een degelijk bestuur (in)voeren. Hij kan het echter niet goed vinden met zijn regent Adipati Soerio Soenario. Hij merkt niet dat zijn vrouw Léonie hem bedriegt met vele mannen, waaronder ook haar stiefzoon Theo en de aantrekkelijke Addy  de Luce. Addy heeft tegelijkertijd ook wat met de dochter van Otto.

Onaantastbare tegenkrachten (de mysterieuze stille kracht) maken het hem en zijn familie echter steeds moeilijker om zich staande te houden in Nederlands-Indië.
In het eerste hoofdstuk van de roman wordt het decor van het drama neergezet. Couperus beschrijft het reilen en zeilen in het residentiehuis. Die ambtswoning heeft het aanzien van een paleis. Tegenover dit symbool van het Hollands gezag, aan de andere kant van de Lange Laan, bevindt zich de woning van de secretaris en zijn vrouw, Eva Eldersma – zij is de andere hoofdpersoon van de roman. Beiden, de resident en de vrouw van de secretaris, zijn ‘verstandig’ en ‘verlicht’, beiden hebben het beste met hun omgeving voor, maar delven niettemin het onderspit.

Als Otto op een dag een regent ontslaat, omdat deze zich onbeschoft gedroeg op een feest, breekt de hel los.
Aan het einde van de roman is de familie van de resident voorgoed uiteengevallen en heeft hij zijn veelbelovende carrière bij het Binnenlands Bestuur opgegeven. Hij woont samen met een inlandse vrouw in de binnenlanden. Daar zoekt Eva hem op. Haar verheven artistieke ambities zijn weggekwijnd en ze staat op het punt om samen met haar zwaar overspannen man terug te gaan naar Nederland. Beiden zijn gebroken.

 

Mening van de groep

 

- in het begin was het wennen aan de zinsbouw en de schrijfstijl van Couperus. Ik trachtte daarom aanvankelijk de zinnen om te zetten in hedendaags Nederlands. Maar daar kwam ik van terug want de stijl wende na een tijd. Een boeiend verhaal over een man die in de eerste plaats uit plichtsbesef handelt en zo ongewild toch ook het verkeerde doet.

- het was wennen aan de schrijfstijl en de manier van praten van de personages. Boeiend vond ik de strijd tussen Oost en West, tussen het rationele en het mystieke. De natuurbeschrijvingen waren soms wel te langdradig

- Als Belgische kende ik die geschiedenis niet. Ik vond het heel boeiend, de soms wel feodale verhoudingen tussen de Nederlanders en de Javanen, en hoe iedereen zich in die samenleving tracht te handhaven. Ook ik had wel een probleem met de taal. 

- In het begin dacht ik dat ik het boek niet zou uitkrijgen. De taal stoorde me erg, maar na een tijd begon het verhaal wel te boeien. Wat in het boek verteld wordt over gezags- en andere relaties lijkt nog actueel.

- Ik had vaak aan het eind van een zin pas door wat de betekenis er van was. Ik vond het echter een interessant boek. Het superioriteitsgevoel van de Nederlanders riep schaamtegevoel bij me op. Het boek is geschreven vanuit de Westerling maar die wordt toch vaak geridiculiseerd en bekritiseerd. Door de beschrijvingen van de natuur had ik vaak het gevoel dat ik er echt was.

- Ik had het boek ooit als 18-jarige gelezen en begreep er toen niets van. Nu had ik in het begin wel moeite met de taal, maar na een tijd boeide het erg en raakte ik aan de taal gewend.

 

Vragenlijst

 

Wat vinden jullie van de manier waarop Couperus zijn personages neerzet?  Zijn ze geloofwaardig?

Al de personages zijn even geloofwaardig beschreven. Wel zijn er sommigen minder uitgewerkt dan anderen. Otto en Eva zijn het meest sympathiek. Otto maakt een ontwikkeling door. Hij leeft voor zijn werk. "Het (werk) was hem alles in het leven. Het vulde al zijn uren? Er over denkende sliep hij in, zijn eerste gedachte was voor het een of ander gewestelijk belang."  Hij heeft altijd geloofd dat hij het goed deed, hij had het beste voor met zijn district en de inwoners maar hij is op het einde teleurgesteld en geeft hij zijn carrière op.

Leonie is een geslepen vrouw die enkel in haar eigen plezier geïnteresseerd is. Zij misbruikt mensen. " Een uitstraling van glanzend egoïsme was om haar"  en " Haar mateloze onverschilligheid was haar levenskracht. Zij had zich aangewend alles te doen waar zij lust in had."

De Regent toont zich naar buiten toe onderdanig maar hij minacht de Hollanders.

Al deze karaktertrekken worden treffend beschreven.

 

Wat heeft je bijzonder getroffen bij het lezen van de roman?

Louis Er waren verschillende zaken en onderwerpen die ons getroffen hebben: de arrogantie en het superioriteitsgevoel van de Nederlanders, de blindheid van Van Oudijck voor wat er rond hem gebeurde, in zijn eigen familie en onder de Javanen. Hij hield van het land, had er het beste mee voor maar begreep het land toch niet echt. Ondanks  zijn teleurstelling blijft hij er echter toch. Wat verder nog trof was de verschillen en de verhoudingen tussen Oost en West en de aard van de mensen.

 

Wat vonden jullie van de taal en de stijl die Couperus hanteert?

"Als je lange tijd alleen maar moderne letterkunde leest, moet je wel even wennen aan de zinnen die Couperus maakt. Vooral in de beschrijvingen is hij uiterst breedsprakerig. dat is af en toe een beetje doorbijen. De dialogen daarentegen zijn levendig en fris en ook de psychologische tekening van de hoofdpersonages is allerminst verouderd" Zijn jullie het daarmee eens?

Iedereen had het aanvankelijk moeilijk met de taal en de stijl van Couperus: de zinsbouw, de gezwollen taal, de erg lange zinnen, de vreemde adjectieven, de oude genitiefvormen. We vroegen ons af of dit typisch is voor Couperus of dat het eigen is aan schrijvers uit die tijd.

Het boek begint al met een erg lange zin van 5 regels. Als voorbeeld de volgende zin, op een van de 1e blz: "De grote stevige man, die daar stond, wijdbeens, opademend de, langzaam met vlagen aanwaariende, wind - moe van zijn werk, van zijn zitten aan zijn schrijftafel, van zijn berekeningen der duitenkwestie - die afschaffing der duiten, door de Gouverneur-Generaal zijner persoonlijke verantwoordelijkheid opgelegd als een kwestie van belang - die grote stevige man, praktisch, koel van denken, kort beslist van langdurige gezagsuitoefening, voelde misschien niet de donkere geheimzinnigheid drijven over de Indische avondstad - hoofdstad van zijn gewest - maar hij voelde een begeerte naar tederheid."  Elf regels in het boek!

Woordgebruik: wit gepilaarde villa-huizen, donzende geluidloosheid, klaarduidelijk, jongbroederlijk, kruiphurkend, de zonneblakende dag, opblankende rissen, het edel-hoge van haar uitdrukking... Oude genitiefvormen en gebruik van voltooide deelwoorden: het spoor zijner hoffelijkheid, "met de stoelen schaatsende over het gladde marmer", genietende de wiegeling op de zchte rijtuigveren. Inversies: "de resident, plotseling, keerde zich om... en de oppasser, opschrikkend, volgde hem, blazende-aan de punt van zijn vuurtouw", ".. zich door Oerip te laten masseren haar gelaat en haar leden.. de wonderzlaf waarvan Oerip wist het gehiem en die het vlees heild hard en rimpelloos en blank".

Wat de dialogen en de karakterbeschrijvingen betreft is Couperus wel degelijk eigentijds. Hij is ook heel open over zaken zoals overspel en promiscuïteit, iets wat je van een schrijver van eind 19e eeuw niet zou verwachten. Hij tekent de kleine kanten van de mensen en bewijst dat hij een echt mensenkenner is.

 

Wat is het thema en welke motieven vinden jullie terug in het boek?

Het thema: de ondoorgrondelijkheid van de Oosterlingen die de Westerlingen,echter wel doorgronden; de tegenstelling tussen Oost en West, tussen het mystieke (de stille kracht) en het rationele.

Motieven: de natuur, de stille kracht, verveling, onbegrip, ondergang, mystiek.

 

‘De stille kracht gaat in werkelijkheid over falend leiderschap, over de tragische ondergang van een rationeel en fatsoenlijk bestuurder. Volgens Couperus is Van Oudijck tot mislukken gedoemd, omdat hij van bovenaf iets wil opleggen zonder dat hij gevoelig is voor zijn omgeving, de aard en cultuur van de mensen over wie hij heerst. Logica, regels, theorie, het werkt allemaal averechts, wanneer gevoeligheid, intuïtie, en empathie ontbreken.’Zijn jullie het daarmee eens ?

Dat Van Oudijck iets van bovenaf wil opleggen lijkt ons wel typisch voor die tijd. Er was toen geen inspraak in geen enkele machtsverhouding: noch tussen overheid en ondergeschikten, noch tussen bazen en werklui, noch tussen ouders en kinderen. Het is voor hem boven elke twijfel verheven dat hij het beter weet, vanuit zijn Westers superioriteitsgevoel. De Westerlingen kwamen immers, zogezegd, om te "beschaven".  We vinden echter niet dat het boek in werkelijkheid gaat over falend leiderschap. Van Oudijck faalt inderdaad maar dat is te wijten aan de tegenstelling tussen de Oosterse en de Westerse denkwijze en dat is het eigenlijke onderwerp van het boek.

 

Welk cijfer geven jullie het boek?

gemiddeld een 7+ 

 

 

Meer over de schrijver

 

Louis Couperus,werd geboren op 10 juni 1863 in Den Haag. Zijn vader was bestuursambtenaar oa in Nederlands-Indië en Couperus brengt een deel van zijn jeugd op Java door. In 1878 keert het gezin terug naar Nederland. Couperus studeert er Nederlands.
Zijn debuut als dichter maakt hij in De Gids, waar hij zelfs korte tijd redacteur van is. In 1889, op 26-jarige leeftijd, schrijft hij de succesvolle roman Eline Vere (verfilmd in 1991) en in 1891 trouwt hij met zijn nicht Elisabeth Baud. Van 1893 tot 1914 verblijven zij veel in het buitenland, voornamelijk in Italië en Frankrijk. In die periode schrijft hij o.a. de psychologisch-realistische roman 'Van oude menschen, de dingen die voorbijgaan' (1906). Hij werkt enige tijd als journalist bij 'Het Vaderland 'en 'de Haagsche Post'. Hij schrijft veel en zijn totale oeuvre bevat romans, verhalen, essays en sprookjes. Ondanks de grote publieke belangstelling voor zijn werk, blijft de erkenning vele jaren uit. Zijn seksuele geaardheid, dandyisme en praalzieke leefstijl worden niet gewaardeerd. In 1923 ontvangt hij de Tollensprijs voor zijn totale oeuvre en in datzelfde jaar overlijdt hij.
Na zijn overlijden komen de prozawerken 'Het snoer der ontferming' en 'Japansche legenden' (1924) en 'Nippon' (1925) uit. Pas in de jaren dertig en veertig worden zijn veelzijdige gaven alom gewaardeerd. In de jaren 1952-1957 verschijnen zijn 'Verzamelde Werken', gevolgd door de gedichtenbundel 'Nagelaten werk' (1976).

 

 

Een lezende vrouw met hond geschilderd door

Charles Burton Barber, Engelse schilder (1845 - 1894)

 

 

Na meneer Mackenzie - Jean Rhys enOntbijt bij Tiffany - Truman Capote - een vergelijking

 

Korte inhoud

 

Na meneer Mackenzie

Julia woont in een hotelletje in Parijs. Ze is totaal afhankelijk van anderen en meer bepaald van mannen. Ze is een onzekere en kwetsbare vrouw “te kwetsbaar om als vrijbuiter door het leven te gaan en er wat van te maken”. Ze krijgt nog elke week geld van haar vroegere minnaar Meneer McKenzie. Maar dan ontvangt ze een brief van zijn advocaat met een laatste grote som en de mededeling dat zij verder niets meer van hem zal krijgen.  Julia voelt zich vernedert en uitgeput. Ze wordt ouder en voelt dat ze niet meer het succes van vroeger heeft bij de mannen.  Toch zoekt ze haar vroegere minnaar op en geeft hem zijn geld terug. Ze ontmoet dan een andere man die haar geld leent en Julia keert terug naar Londen, waar haar familie woont. Ze stuurt briefjes naar haar zus en naar een vroegere minnaar. Als ze overdag in een bioscooop zit ziet ze daar enkel oudere vrouwen “… met een bedremmelde opgejaagde blik in hun ogen. Alsof ze zich over zichzelf schaamden, alsof ze de wereld smeekten een oogje dicht te doen voor het feit dat ze vrouw waren en het hun niet aan te rekenen”. Haar zus Norah die “duidelijk haar etiket draagt waarop je las ‘Goede stand, geen rooie duit’” en die alleen voor hun zieke moeder zorgt, heeft haar niets te bieden. Een oom die wel in redelijk goede doen is evenmin. En ook haar vroegere minnaar scheept haar af. Als haar moeder dan sterft, ze ruzie krijgt met zus en oom en uit haar hotel wordt gezet omdat ze een man op haar kamer ontvangt, keert ze terug naar Parijs. Londen is voor Julia de stad die bij iedere stap zegt ‘zie dat je geld krijgt anders ga je naar de bliksem’ terwijl dat in Parijs klinkt “vergeet het maar, laat je gaan”. Bij toeval ontmoet ze in Parijs McKenzie nog een keer en vraagt hem om geld. Hoe het met Julia zal aflopen weten we niet.

 

Ontbijt bij Tiffany

Via een naamloze verteller maken we kennis met Holly Golightly, een jonge vrouw in New York in 1943.. Holly leidt een onconventioneel leven. Ze werkt niet maar laat mannen voor haar betalen. Ze is op zoek naar een plaats waar ze zich thuis kan voelen en ook naar geld en rijkdom maar ze wil daarvoor niet te veel toegevingen doen. Ze wil zichzelf blijven. “en ik wil nog steeds mezelf zijn als ik op een mooie ochtend wakker word en ontbijt bij Tiffany” Haar verleden was niet zo gelukkig. Haar ouders stierven toen ze nog een kind was en samen met haar broer Fred zwerft ze dakloos rond, op zoek naar voedsel. Ze worden opgevangen in gezin van een zuiderse boer, Doc Golightly, een weduwnaar met verschillende kinderen. Holly, die toen nog Lullamae heette, trouwt met hem maar na een paar jaar loopt ze weg en belandt ze uiteindelijk in New York. Hier wordt ze omzwermd door allerlei louche maar ook society figuren. Zij worden allemaal treffend en vaak grappig beschreven. De rijke erfgenaam Rusty Traxler bijvoorbeeld is een “kind van middelbare leeftijd dat zijn babyvet nooit was kwijtgeraakt, al was een getalenteerd kleermaker er bijna in geslaagd zijn mollige billenkoekbips te camoufleren..Het was niet zijn uiterlijk waardoor hij opviel: zo zeldzaam zijn geconserveerde zuigelingen nu ook weer niet.”  Holly beschouwt zichzelf als een wild dier, en wilde dieren mag je volgens haar niet kooien. “Hou nooit van een wild wezen” zegt ze, want op de duur ontsnappen die toch altijd en “dan sta je uiteindelijk naar de lucht te kijken”. Maar ze voegt er ook aan toe: “Het is beter naar de lucht te kijken dan er te wonen. Het is er zo leeg, zo vaag. Alleen maar een land waar de donder komt en waar dingen in verdwijnen”. Ze is dus niet echt gelukkig. Als ze dan een rijke man aan de haak heeft geslagen die met haar wil trouwen loopt er vanalles mis. In tegenstelling tot de gelijknamige film heeft de novelle geen happy maar een open end. Als de verteller Holly’s achtergelaten kat zonder naam achter een raam ziet zitten denkt hij “… ik vroeg me af hoe hij heette, want ik wist zeker dat hij nu een naam had, dat hij ergens was aangekomen waar hij thuishoorde. Of het nu in een Afrikaanse hut is of waar ook, ik hoop dat Holly het ook heeft gevonden”.


 

Bespreking

 

Wat vond de groep van de twee boeken:

  • Het boek van Jean Rhys vond ik het mooist maar wel het donkerste. Het was echter consequent geschreven en dit door een alwetende maar betrokken verteller die zowel omschreef wat Julia voelde als de mensen rondom haar. Het boek van Capote werd door iemand geschreven die geen toegang had tot Holly's gevoelens of innerlijk en was daarom afstandelijker.
  • Ik ergerde me aan Julia, aan haar afhankelijkheid van mannen. Ik vroeg me echter af of ze een andere keuze had. Holly sprak me niet aan. In de tijd dat het boek geschreven werd was het misschien choquerend maar nu niet meer.
  • Julia ergerde me, dat ze zichzelf zo helemaal afhankelijk opstelde ten opzichte van mannen. Anderzijds had ze toch haar eigen idee dat ze wel volgde. Ze was op een manier ook wel vrijgevochten want ze ging alleen op cafè. Ik vond wel een zekere spanning in het verhaal: wat gaat er nu gebeuren? Het deed me enigzins denken aan "Villa des roses", mensen die in hotels wonen, die geen thuis hebben.
  • Ik vond beide boeken wel lezenswaardig. Ik erger me niet aan mensen die anders leven dan ik of die er andere opvattingen op na houden. Ik vind het boeiend om te zien hoe die mensen leven.
  • Julia, de hoofdpersoon in het boek van Jean Rhys, moet me niet aan te spreken. Ik vond het wel belangrijk dat het boek consequent geschreven was. Er kwamen wel rare, vreemde dialogen in voor maar het verhaal klopte wel grosso modo. De uitwerking vond ik echter ongeloofwaardig. Ik zou het niet uitgelezen hebben als het niet voor de leesgroep was. Ontbijt bij Tiffany sprak me meer aan, het verraste me soms en ik wilde het wel uitlezen. De setting sprak me meer aan.
  • De boeken waren niet direct mijn stijl en ik heb ze gelezen omdat het voor de leesclub was. Tijdens het lezen had ik er geen zin in en interesseerde het me niet. Maar na het lezen vond ik ze wel interessant. De eenzaamheid en de hopeloosheid vond ik goed beschreven.
  • Het boek van Jean Rhys heb ik gemakkelijk gelezen. Ik was wel geinteresseerd in die vrouw zonder een moreel oordeel over haar te hebben. Het moet moeilijk zijn om zo te leven en ook wel moedig denk ik. Bij het lezen van Ontbijt bij Tiffany had ik de hele tijd Audrey Hepburn voor ogen die in de film de rol van Holly vertolkte. Het boek had echter niet het melige 'happy end' van de film.
  • Ik vond in "Na meneer Mackenzie" dat de persoon van Julia knap beschreven werd. Je kwam te weten hoe ze zichzelf zag en hoe anderen haar zagen. Ik vond het ook boeiend hoe Julia zich compleet liet bepalen door anderen of minstens haar leven daardoor liet bepalen. Ik weet niet wat ze had kunnen doen: als gezelschapsdame werken, of kindermeisje, of werk beneden haar stand doen? Het boek van Capote, dat ik nu al voor de derde keer las, was heel anders hoewel het hier ook over een vrouw ging die zich afhankelijk maakt van de mannen maar wel op een heel andere manier. Ik herinner me dat de gevoelens die Holly opriep bij de verteller en bij de café-baas me wel ontroerden.

De vergelijking tussen de twee boeken:

 

Na meneer McKenzie

Ontbijt bij Tiffany

het thema is eenzaamheid, overleven
Julia leeft op kosten van mannen maar maakt er zich afhankelijk van. het zijn de mannen die beslissen.
De mannen hebben de regie. Vrouwen zijn ondergeschikte figuren.
Julia is niet gelukkig. Ze laat zich leven en heeft geen echt doel tenzij overleven.
Ze zijn beiden op doorreis, hebben geen thuis maar er wel een verschil in leeftijd: Julia is op haar retour.

Dit boek is zwartgalliger
De facade is belangrijker in dit boek
Julia maakt zich niet veel illusies over het leven.
Ze is een tragische figuur. Alleenstaande vrouwen in die tijd waren hetzij afhankelijk van
familie of mannen, of ze moesten werk vinden overeenkomstig hun 'stand'.
Op haar manier is ook Julia vrijgevochten want ze leeft haar leven anders dan de meesten.
Julia's remedie tegen droefheid is gaan wandelen in de straten, zich laten uitwaaien.
Er is wel zelfspot in dit boek.
Het boek is in de jaren '20 van de 20e eeuw geschreven maar de taal op zich is niet voorbijgestreefd.

het thema is ook overleven, verlangen naar het goede, naar een beter leven
Ook Holly is afhankelijk van mannen maar ze bepaalt wel zelf van wie en in hoeverre ze afhankelijk is.
Ze heeft zelf de regie, de mannen zijn voor haar gebruiksvoorwerpen.
Holly is wel gelukkig. Zij heeft een doel voor ogen. Ze verstaat ook de kunst van het genieten.
Net als Julia heeft Holly ook geen thuis, is ze op doorreis maar ze is nog erg jong en heeft haar leven voor zich.
Het boek is veel lichter als dat van Rhys. Holly geniet meer van het leven en zo lijkt het of ze onafhankelijker is
Holly vind het niet belangrijk wat anderen denken, ze doet wat ze denkt dat best is voor haar.
Ze heeft nog veel hoop op een beter leven, een rijk huwelijk.
Holly is lief tegenover Doc Golightly die haar en haar broer tenslotte heeft opgevangen toe ze op de dool waren.
Ze beschouwt zichzelf als een wild dier dat niet gekooid kan worden. Als je het je liefde geeft moet je weten dat
het toch op een of andere dag zal uitvliegen en je achterlaten.
Holly's remedie tegen droefheid is een bezoek brengen aan de juwelierszaak Tiffany's.
Het boek heeft humor in plaats van zelfspot.

 

In het kort samengevat zou je kunnen zeggen dat  het grote verschil tussen de twee boeken ligt in de houding die de hoofdpersonages aannemen tegenover anderen en meer in het bijzonder tegenover mannen.  En in tweede orde ligt het verschil in het standpunt van de verteller. In het boek van Jean Rhys is dat een alwetende verteller die ons zegt wat Julia voelt en wat er in haar omgaat maar die ook vertelt hoe anderen denken over Julia en haar relatie tot hen. In het boek van Capote is iemand aan het woord die Holly gekend heeft en die enkel over zijn eigen gevoelens kan praten en kan vertellen wat er gebeurde met Holly op de ogenblikken dat hij bij haar was.

 

Vraag: Op een lezersforum waar over Jean Rhys werd gesproken, vroeg iemand zich af of iedereen een ‘drempel’ heeft wat betreft droevige boeken. Hebben jullie dat ook? Hoe voel je dat je de drempel bereikt? Of hou je van droevige verhalen? En waarom wel of niet?

Voor ieder van ons is dat anders. Sommigen hebben absoluut geen enkele drempel en betrekken het droevige wat zich in boeken voor doet niet op zichzelf, zonder echter in het bijzonder van droevige boeken te houden. Anderen hebben wel een drempel, al dan niet bepaald door persoonlijke ervaringen. Je voelt dat je de drempel bereikt als je niet meer door kan lezen, als je dat absoluut niet meer kan opbrengen zonder je zelf ook slecht te vgaan voelen.

 

Meer over de schrijvers

Jean Rhys

Jean Rhys werd in 1890 geboren op het Caribische eiland Dominica, als Ella Rees Williams. Haar vader was afkomstig uit Wales en haar moeder was een Creoolse uit een van Schotland afkomstige familie. Als blank meisje in een hoofdzakelijk zwarte omgeving voelde ze zich geïsoleerd. Ze ging naar een kloosterschool in Roseau. Op 17-jarige leeftijd wordt ze door haar vader naar een tante in Engeland gestuurd, mogelijk omwille van een ongewenste affaire met een zwarte jongen. Ze gaat nog naar school in Cambridge en later naar de Royal Academy of Dramatic Art in Londen. Als haar vader overlijdt is ze echter gedwongen haar studies stop te zetten. Ze keert niet terug naar Dominica ondanks het feit dat haar moeder dit vraagt. Ze gaat als revue meisje aan de slag. Tijdens Wereldoorlog I werkt ze als vrijwilligster in een soldatenkantine. Na de oorlog is ze een tijdje kantoorbediende. In 1919 trouwt ze met een Frans-Nederlandse journalist Jean Lenglet en ze gaat woont met hem in Wenen, Boedapest, later in Parijs en daarna in Londen. Ze krijgen een zoontje dat jong sterft en nog een dochter. Terwijl haar man in de gevangenis zit omwille van fraude heeft ze in Parijs een romance met de schrijver Ford Madox Ford die haar aanspoort te schrijven. Met hetgeen zij hiermee verdient probeert ze zichzelf en haar dochter te onderhouden. Haar romance met Ford eindigt op een bittere manier. In 1927 wordt haar eerste verhalenbundel gepubliceerd “The left bank and other stories” waaruit de volgende zin komt die Rhys en haar werk wel typeert: “The perpetual hunger to be beautiful and that thirst to be loved is the real curse of Eve”. In 1928 verschijnt haar eerste roman “Postures” over een vrouw in Parijs die door een vriend wordt verleidt terwijl haar man in de gevangenis is, een verwijzing naar Ford Madox Ford. In 1931 is het dan de beurt aan “After Mr. McKenzie”, in 1934 gevolgd door “Voyage in the dark” gebaseerd op een breuk met een van haar minnaars, en in 1939 “Good Morning, Midnight” over een ouder wordende vrouw die naar Parijs terugkeert en over de mooie en minder mooie momenten in het leven nadenkt. Deze boeken gaan allemaal over in de steek gelaten vrouwen. De schrijfster zegt zelf dat het allemaal over zichzelf gaat, en dat ze ongelukkig moet zijn om te kunnen schrijven maar ook dat ze door te schrijven afrekent met haar verdriet. “I would write to forget, to get rid of sad moments. Once they were written down they were gone”. Ze schrijft wel met grote zelfkennis over zichzelf en ze laat zonder gêne ook zien hoe anderen over de vrouwelijke hoofdpersonages (en dus over haar) denken. Jean Rhys trouwt nog twee keer en trekt zich op het Engelse platteland terug. Ze leeft in armoede en erg eenzelvig zodat er zelfs gedacht wordt dat ze overleden is. Ze is wantrouwig en beschouwt andere mensen als “walking trees”. Ze drinkt veel.  In 1948 wordt ze gearresteerd omwille van het beledigen van haar buren en de politie.  In de jaren 60 werd haar laatste boek voor de BBC bewerkt en begon ze aangemoedigd door journalist en criticus Francis Wyndham. In 1966 verschijnt dan haar meest succesvolle roman”Wide Saragossa Sea” waarin ze schrijft over de eerste vrouw van Rochester, de held uit “Jane Eyre” van Charlotte Brönte. Deze vrouw was immers afkomstig uit dezelfde regio als Jean Rhys, die er van overtuigd was dat Brönte iets tegen de eilanden had en daarom dit verhaal schreef. Voor deze roman won ze twee literaire prijzen. In 1978 werd ze Commander of the Order of the British Empire. Ze stierf op 14 mei 1974 terwijl ze nog aan een autobiografie werkte.  Nog een citaat van Jean Rhys dat veel zegt over haar opvattingen over mannen en vrouwen: “I often want to cry. That is the only advantage women have over men – at least they can cry

 

Truman Capote

Truman Capote werd op 30 september 1924 geboren in New Orleans. Zijn naam luidde Truman Streckfus Persons. Zijn vader was Arch Persons en zijn moeder Lillie Mae Faulk. Lillie Mae (Lillie Mae – Lullamae?) verloor op jonge leeftijd haar ouders waarna zij in Alabama opgroeide bij familie in een omgeving die ze verachtte. Zij wilde daarom erg graag opklimmen op de sociale ladder. Haar huwelijk met Persons bracht haar niet wat ze hoopte en Truman was bijna niet op de wereld gekomen want zijn moeder wilde een abortus. Een van haar nichten slaagde er echter in dat te verhinderen. Ze keek nooit veel om naar haar zoon, en zijn vader evenmin. In 1931 scheidde ze en hertrouwde met Joseph Capote met wie ze naar New York verhuisde. Truman bleef in het zuiden wonen bij neven van hem. Met hen had hij een goede band. Hij had er ook een buurmeisje met wie hij goed kon opschieten, de latere schrijfster Harper Lee. Zij zouden hun leven lang bevriend blijven. Na een tijd nam Lillie Mae, die het hoederecht won, haar zoon toch bij haar in huis en haar man adopteerde hem in 1935. Zijn naam was nu Capote.  Truman droomde van een geweldig leven in de grote stad. Hij was erg klein en zag er jonger uit dan hij was. Hij lispelde ook en zijn moeder verweet hem zijn weinig mannelijke houding en uiterlijk. Truman Capote was overigens homo en kwam hier open voor uit. Ondanks zijn hoge intelligentie deed hij het niet goed in de school. Met schrijven begon hij echter al op heel jonge leeftijd. Hij zegt zelf dat hij zijn eerste roman schreef op 9 jarige leeftijd. In 1941 gaat hij als copy boy werken bij het tijdschrift The New Yorker. In 1944 gaat hij er weg en niet lang daarna begonnen verschillende tijdschriften verhalen van hem te publiceren. Zijn eerste roman “Other voices, other rooms” verscheen in 1948 en gaat over een jongen die verliefd word op een travestiet. Op de omslag van het boek kwam een controversiële foto van de nogal provocatief poserende schrijver voor. Hij hield er van uit te dagen en te provoceren. Het boek werd een groot succes. “Breakfast at Tiffany’s” verscheen in 1958. Truman Capote noemde de hoofdpersoon in dit boek Connie Gustafson maar wijzigde die achteraf in Holly Golightly. Het boek zou oorspronkelijk uitgegeven worden bij een uitgeverij van de Hearst Corporation. Maar die wilden de vloeken en voor heb ongepaste woorden er uit. Dat weigerde de schrijver en dus verscheen het boek bij een andere uitgeverij. Samen met ‘Cold blood’ , een “non-fiction novel” zoals de schrijver het zelf noemde over een bekende moordzaak, is “Breakfast at Tiffany’s” zijn meest bekende boek. In 1975 werden een reeks verhalen van hem gepubliceerd die gingen over bekende society-figuren waarmee hij bevriend was.  De wijze waarop hij hen  portretteerde in zijn bijtend proza zorgde ervoor dat hij werd buitengesloten door de society kringen waarin hij verkeerde. Dit verbitterde hem en hij begon, net als zijn moeder, stevig te drinken en narcotica te gebruiken. Op 25 augustus 1984 overleed hij tengevolge van een overdosis. Truman Capote zelf heeft ooit over het leven gezegd: “Life is a moderately good play with a bad written third act”.

 

---------------------------------------------------------------

 

De accabadora - Michela Murgia

De auteur

Michela Murgia werd geboren in 1972 in Cabras, Italië. Zij studeerde theologie en vond niet alleen werk als professor theologie, maar werkte ook in diverse andere beroepen, zoals timeshareverkoop. Zij debuteerde in 2006 met: ‘De wereld moet weten.’ Een hilarisch boek over haar ervaringen in de verkoop. Later schreef zij een werk over reizen in Sardinië (met onontdekte mooie natuurplaatsen in Sardinië). Deze locaties werden achteraf opgenomen door National Geographic. Verder schreef ze regelmatig columns in verschillende kranten en tijdschriften en publiceerde zij verschillende korte verhalen.

In 2009 verscheen “De accabadora”. Dit boek werd bekroond met verschillende prijzen. Haar laatste publicatie verscheen in 2010 met als titel Ave Mary. Hierin maakt ze een vergelijking tussen de christelijke iconografie en de hedendaagse meisjes in glossy tijdschriften.

Korte inhoud

Maria is de jongste van vier meisjes. Haar moeder is weduwe en geeft haar op zesjarige leeftijd als fille anima aan Bonaria. Bonaria is niet gehuwd en kinderloos. Een fille anima groeit op bij haar ‘pleeg’moeder en dient achteraf voor haar pleegmoeder te zorgen als deze oud is, totdat ze sterft. Maria groeit op bij Bonaria. Bonaria is de naaister van het dorp. Maar naast dit beroep heeft zij nog een andere taak in het dorp; zij is de accabadora. Een accabadora zorgt ervoor dat anderen geholpen worden bij het sterven. Wanneer Maria dit ontdekt is ze geschokt en verlaat het dorp om in Turijn als kindermeisje te gaan werken. Hier gaat ze een relatie aan met Piergiorgio, de 16 jarige zoon waarvoor zij moet zorgen. Zij  moet het gezin verlaten wanneer deze relatie ontdekt wordt. Zij keert terug naar Bonaria omdat deze hulpbehoevend is en krijgt dan een andere kijk op haar pleegmoeder en de taak accabadora.

Vragen en antwoorden

1. Korte mening en cijfer.

Belinda: Een mooi verhaal, makkelijk te lezen, lichtvoetig geschreven, wel voorspelbaar, daardoor niet altijd even boeiend.  Punt: 7

Els: boeien; contrast platte land -> stad in 50er jaren. Functie van Bonaria zinvol en jammer dat deze niet meer bestaat. Punt: 7

Dymph: Mooiste boek van de laatste jaren. Mooie taal, beeldspraak, heidense gebruiken. Punt: 8,5

Hilde: Heel mooi boek. Mooie beelden, menselijk, het leven in Sardinië. Punt 8

Mieja: Heel mooi boek. Best vlot geschreven, overzichtelijk, aanranding van jongen in Turijn was niet nodig, gebruiken in Sardinië heel boeiend, goed ingeleefd. Punt: 8

Veva: Heel mooi. Taal sluit aan bij simpel leven in dorp. Herkenning van vroeger, het systeem. Veel gevoelens, maar niet echt uitgesproken. Zonder drama en pathos, aldus Veva. Punt 7

Gemiddeld punt: 7,5 

2. Wat is het thema van het boek?

Geopperd wordt dat er drie thema’s zijn: actieve euthanasie, adoptie uit arm gezin en groei naar volwassenheid. Ook wordt er gesproken over Plaats van de dood binnen het leven.Maar na onderling beraad luidt het thema: menswaardig leven en sterven. 

3. Wat zijn de twee verhaallijnen van het boek?

Het leven van het meisje en van de accabadora. Apart en hoe zij samenvallen. 

4. Maria wordt drie maal geboren. Wanneer? Wat wordt hiermee bedoeld?

Bij haar natuurlijke moeder, bij de accabadora en bij het weggaan uit het dorp. Ook wordt geopperd dat de derde geboorte ontstaat bij het sterven van de accabadora, op het moment dat zij begrijpt waarom de accabadora deed wat zij deed.

5. Hoe stemt de schrijfstijl overeen met de manier van leven en van communiceren in het dorp?

Eenvoudig en bondig, zonder drama en pathos. Voorbeeld: het land en de vete daarover. Mieja moest denken aan een boek dat wij eerder lazen: het huis in de via Manno van Milena Agus. Zij is ook een Sardijnse.

 6. Is de taak van de accabadora vergelijkbaar met de taak van de vroedvrouw. Zijn er gelijkenissen, zijn er verschillen?

Gelijkenissen: Liefde voor het leven.

Verschillen:

-  De vroedvrouw werkt in het openbaar; de accabadore in het geheim.

- De functie van vroedvrouw bestaat nog, maar die van de accabadora niet meer.

7. Waarom worden alle heilige en persoonlijke voorwerpen uit de kamer verwijderd als de persoon geholpen wordt om te sterven?

Omdat deze dingen je helpen/beschermen tijdens het leven. Als deze weg zijn, dan is het makkelijker om afscheid te nemen.

8. Wat vind je van de manier waarop Bonnaria zelf moet sterven?

Heel triest. Iemand die zelf mensen ondraaglijk lijden bespaarde, moet zelf zo lang lijden. Toen Maria eindelijk klaar was om te helpen met sterven, toen voelde Bonnaria dit aan en stierf. Zij had daarom gewacht.

 Er wordt gesproken over de link met adoptie uit ‘arme landen’. En naar aanleiding van de benaming ‘arme landen’ of ‘derde wereld landen’ wordt er van gedachten gewisseld over de benaming ‘neger’ en ‘allochtoon’. Zwarten vinden ‘neger’ een scheldnaam. De naam ‘allochtoon’ zou wel eens veranderd kunnen worden in ‘nieuwe Nederlander’ omdat eerstgenoemde de lading niet meer dekt. ‘Blanke vla’ zou ook niet meer mogen net als ‘negerzoenen’ en ‘jodenkoeken’. 

9. Welk proces maakt Maria zelf door enerzijds door weg te gaan uit het dorp, anderzijds door ouder te worden?

Liegen mag niet, zwijgen is liegen, zij wijst haar pleegmoeder af. Door afstand te nemen, krijgt ze een andere blik. Jongen en meisje in gezin in Turijn mogen niet naar buiten. Dit begrijpt ze niet, maar door wat er met de jongen is gebeurt, begrijpt ze dit beter. Tijdens lijden van Bonnaria is zij in het reine gekomen met de taken van Bonnaria; dit was voor beiden een lijdensweg.

10. Zijn er parallellen te trekken met maatschappelijke thema’s die momenteel ter discussie staan?

Euthanasie is een actueel thema, adoptie door kinderloze stellen ook. Gesproken wordt over langdurig lijden door psychiatrische patiënten. Dat aan de ene kant er mensen zijn die blij zijn dat ze in een depressie geen zelfmoord (of actieve euthanasie) hebben gepleegd en anderzijds zijn er mensen die hun leven lang gebukt gaan onder zware psychische klachten en geen uitweg zien. Ook wordt er gesproken over het feit dat het fijn is dat mensen zelf kunnen beschikken over hun einde bij uitzichtloos lijden. En dat dit niet aan de nabestaanden hoeft te worden besloten en uitgevoerd.

11. Opnieuw toekennen van cijfer.

7,5/ 8,5/ 8/ 8/ 7,5/ 7 = 8- (7,75)

Onderwerpen die nog niet aan de orde zijn gekomen:

-         Sardijnen versus Italië. Mooie zin op bladzijde 29, 3e zin: als je sterf voor een land wordt dat jouw land, of je wilt of niet. Niemand sterft voor een land dat niet het zijne is, als hij geen stommeling is.

-         Open einde: wellicht gaat zij de rol van accabadora overnemen

 

Terug naar beginpagina